De gemeente Someren heeft op dinsdag 29 november Van den Hoogen Recycling aan de Groeneweg in Someren-Heide verplicht om bandenresten, slib en slurry af te voeren, met als start uiterlijk 6 december, 12.00 uur. Op 21 december 12.00 uur moet de operatie voltooid zijn.

Als dat niet het geval is, dan neemt de gemeente zelf de werkzaamheden ter hand, op kosten van Van den Hoogen. Deze zogeheten ‘bestuursdwang’ betreft alleen de afvalstoffen van de banden, het verontreinigd slib en slurry (modder met ijzerresten zoals schroefjes) en het verontreinigd bluswater.

De gemeente heeft de brief met zogeheten Last onder bestuursdwang dinsdag in handen gegeven van Van den Hoogen Recycling. In de brief wordt geconstateerd dat de aanwezige afvalstoffen, de slib en slurry en het bluswater op het bedrijf een bedreiging voor het milieu vormen. Bij regenval zet de verontreiniging van de bodem, grondwater en sloten zich mogelijk voort en kan die ook naar de verdere omgeving uitstromen. Bovendien vormt de indringende en penetrante stank een zware belasting voor de omwonenden. Dat is de reden waarom de gemeente zich beroept op art 4.11 van de Algemene wet bestuursrecht waardoor de bestuursdwang onmiddellijk kan worden opgelegd, zonder periode van zienswijze door het bedrijf. Wel kan het bedrijf bezwaar aantekenen maar dit schorst het besluit niet. En uiteraard staat een gang naar de kortgedingrechter voor hem open om een schorsing van het collegebesluit te vragen.

Op het terrein is ook ander materieel aanwezig dat afgevoerd zal moeten worden, zoals de uitgebrande loods, vrachtauto’s, betonblokken en dergelijke. Dit materieel valt echter buiten de bestuursdwang zoals die hem nu is aangezegd, aangezien daarbij momenteel geen directe verdere aantasting van het milieu aan de orde is. Maar ook hiervoor blijft gelden dat Van den Hoogen verplicht is per direct ervoor te zorgen dat die schade niet zal ontstaan.

Het bedrijf is in overtreding op grond van verschillende wetsartikelen: art 17.1 (en andere) van de Wet milieubeheer, art 13 van de Wet bodembescherming, art 1a van de Woningwet en art 4.4 van het huidige bestemmingsplan. Deze artikelen bepalen kortgezegd: de verplichtingen van de ondernemer om bij calamiteiten de milieuschade en verontreiniging van de bodem te beperken, ervoor te zorgen dat een bouwwerk of terrein geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid oplevert en het verbod om het terrein te gebruiken als opslagplaats van afgedankte voorwerpen.

De gemeente Someren adviseert Van den Hoogen om op korte termijn een plan van aanpak te overleggen hoe hij de verwijdering van de afvalstoffen, van 6 tot 21 december denkt te gaan realiseren. Daarnaast zal de gemeente zelf eigen voorbereidingen treffen voor het geval de ondernemer niet zal kunnen of willen voldoen aan de bestuursdwang.


Trefwoorden: brand van den hoogen recycling
Geplaatst

woensdag 30 november 2016 | 14.50 uur

Laatst gewijzigd

woensdag 30 november 2016 | 17.08 uur

Auteur

Harrie van Horik


businessclub