Bijna 900 winkels minder in 2020

Op 1 januari 2021 waren er 85.500 fysieke winkelvestigingen in Nederland, bijna 900 minder dan een jaar eerder.

Deze afname ligt in lijn met de gemiddelde daling sinds 2010, zodat een duidelijke invloed van de coronacrisis vooralsnog niet zichtbaar is. 

Het aantal winkels in lectuur en schrijfwaren daalde het sterkst. Het aantal winkels in computers en software nam het hardst toe.

Dit meldt het CBS op basis van voorlopige cijfers.

Sinds 2010 nam het aantal fysieke winkels af met 13.540, een daling van bijna 14%. De daling van 1% tijdens 2020 ligt daardoor ondanks de coronacrisis iets lager dan de gemiddelde jaarlijkse afname sinds 2010. 

Deze daling van het aantal fysieke winkels staat bovendien in contrast met de forse toename van het aantal webwinkels in deze periode. Sinds 2010 verviervoudigde het aantal webwinkels bijna.

Vooral minder winkels in non-food

In 2020 nam vooral het aantal fysieke winkels in de handel in non-food producten af (-1,3%), terwijl het aantal winkels in voeding ongeveer gelijk bleef. 

Het aantal winkels in lectuur en schrijfwaren is met bijna 5% het sterkst afgenomen in 2020. Het aantal boekenwinkels nam met bijna 2,5% af. Daarnaast daalde onder meer het aantal kleding- en schoenwinkels, het aantal groentewinkels en ook het aantal winkels in audio- en video-opnamen nam relatief sterk af.

In sommige delen van de detailhandel groeide het aantal vestigingen wel. Het aantal winkels in computers en software groeide het hardst, met 2,5%. Ook waren er in 2020 meer warenhuizen (+2,2%), winkels in overige voedingsmiddelen (+1,5%) en winkels in brood, banket en zoetwaren (+1,5%). 

Het aantal supermarkten bleef ongeveer gelijk.

Wim Maas

Winkeldichtheid gedaald in 61 procent van de gemeenten

Op 1 januari 2021 was in 61% van de Nederlandse gemeenten de winkeldichtheid lager dan een jaar eerder. Van alle Nederlandse gemeenten daalde de winkeldichtheid in Hendrik-Ido-Ambacht met ruim 13% het meest. Daarentegen waren er ook gemeenten waar de winkeldichtheid toenam. De grootste stijging vond plaats in Grave, waar de winkeldichtheid met 12% toenam van 4,0 winkels naar 4,5 winkels per duizend inwoners.

Verandering winkeldichtheid per duizend inwoners 2021 t.o.v. 2020 in onze regio:

Asten: +4,5%, Cranendonck: -2,0%, Deurne: +3,0% Eindhoven: -1,0%, Geldrop-Mierlo: +2,2%, Gemert-Bakel: -2,9%, Heeze-Leende: -5,3%, Helmond: +2,0%, Horst aan de Maas: +5,3%, Laarbeek: +2,1%, Leudal: 0,0%, Nederweert: -2,2%, Nuenen: -1,0%, Peel en Maas: -3,9%, Someren: -2,9%, Son en Breugel: +3,0%, Venray: +3,2%.

Maastricht heeft hoogste winkeldichtheid onder grote gemeenten

De winkeldichtheid was in 2021 met 19 winkels per duizend inwoners het hoogst in Vlieland, gevolgd door de andere Waddeneilanden Terschelling (14,7 winkels), Schiermonnikoog (13,7), Ameland (13,2) en Texel (13). Op het vasteland had Sluis met 12,6 winkels per duizend inwoners de hoogste winkeldichtheid, gevolgd door Laren met 10,4 winkels.

Van de 25 grootste gemeenten had Maastricht op 1 januari 2021 met voorsprong de hoogste winkeldichtheid, namelijk 7,1 fysieke winkels per duizend inwoners. Dat is meer dan Amsterdam (6,2 winkels) en ’s-Hertogenbosch (5,9 winkels) op de plaatsen twee en drie. Het verschil met Amsterdam is bovendien licht gegroeid in vergelijking met vijf jaar geleden, bovenal dankzij de bevolkingsgroei in Amsterdam.

Winkels per duizend inwoners 1 januari 2021


Asten: 5,5 winkels per 1.000 inwoners
Cranendonck: 4,6
Deurne: 5,3
Eindhoven: 4,7
Geldrop-Mierlo: 4,6
Gemert-Bakel: 4,3
Heeze-Leende: 5,3
Helmond: 5,0
Horst aan de Maas: 4,2
Laarbeek: 4,4
Leudal: 4,6
Nederweert: 5,3
Nuenen: 4,1
Peel en Maas: 5,1
Someren: 5,1
Son en Breugel: 6,0
Venray: 4,4