Koninklijke Eijsbouts viert 150-jarig bestaansfeest

Het is dit jaar 150 jaar geleden dat Bonaventura Eijsbouts de Eerste Nederlandsche Fabriek van Torenuurwerken oprichtte in Asten.

Het familiebedrijf is anno 2022 uitgegroeid tot een wereldspeler op het gebied van kerkklokken en carillons. Een vijfde generatie Eijsbouts is inmiddels toegetreden tot de structuur van het bedrijf. De status van familiebedrijf is daarmee verzekerd voor de nabije toekomst.

Koninklijke Eijsbouts heeft prestigieuze projecten uitgevoerd: het gieten van de grootste luidklok ter wereld voor een Japanse opdrachtgever in, de Olympic Bell voor de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Londen in, de levering van de grootste nieuwe klok voor de Notre Dame in Parijs en heel recentelijk de restauratie en uitbreiding van het Nederlands Carillon in Washington.

In eigen land vervaardigde Eijsbouts onder meer de beiaard van Dordrecht en de Philips beiaard in Eindhoven, deed de restauratie en uitbreiding van de beiaard van de Martinitoren in Groningen, de Lebuïnustoren in Deventer, de O.L.V.-toren in Maastricht, de Lange Jan in Middelburg, de Domtoren in Utrecht, het Koninklijk Paleis op de Dam.

Historie en achtergrond

Bonaventura’s zoon Johan bouwde het bedrijf verder uit en zette de eerste zakelijke schreden over de landsgrenzen. In de derde generatie waren het de broers Tuur en Max die de onderneming leidden. Tuur zette als begenadigd technicus een cruciale stap naar de start van een eigen klokkengieterij. Zijn jongere broer Max wist als commercieel strateeg het bedrijf in de internationale markt te lanceren. Max nam het bedrijf over in 1961. Het was onder zijn leiding dat het bedrijf in 1972 zijn 100-jarig bestaan vierde. Bij die gelegenheid verwierf het bedrijf het predicaat Koninklijk. Max overleed jong in 1976 aan een ongeneeslijke ziekte. Daarmee brak een periode aan waarin de dagelijkse leiding van de onderneming voor het eerst in handen kwam van mensen buiten de familie. Dat werden Leo van der Aa en André Lehr, beiden specialist op hun eigen vakgebied en beiden al vele jaren werkzaam bij Eijsbouts. Het was Lehr die het ambachtelijke vak van de klokkengieter wist te verbinden met de wetenschap. Hij leverde een wezenlijke bijdrage aan de verdieping en verbreding van de campanologie, het domein van de kennis over de klinkende klok in al zijn facetten. Leo van der Aa wist elk verworven inzicht te vertalen in technische vernieuwing. Later vervulde Ger Minkman de rol van algemeen directeur.

De familie Eijsbouts bleef in deze hele periode onverminderd betrokken bij het bedrijf. Max’ echtgenote Thérèse Eijsbouts was al die jaren een bevlogen hoedster van de cultuur van het familiebedrijf. In de jaren ‘90 diende de vierde generatie Eijsbouts zich aan in de personen van Max en Joost, beide zonen van Max senior. Het was Joost (1961) die in 1996 aan hoofd van de onderneming kwam te staan. Max jr. bleef eveneens actief binnen het bedrijf. Joep van Brussel, toen al geruime tijd werkzaam bij het bedrijf, werd in 2003 zijn rechterhand als adjunct-directeur. Joost richtte zich op innovatie en verdere expansie op buitenlandse markten.

Het internationale marktaandeel van Eijsbouts is gestaag gegroeid. Het bestaande commerciële netwerk verbreedde zich met voelsprieten in alle uithoeken van de wereld: van Azië en Zuid-Amerika en Australië tot boven de Poolcirkel. In 2014 kreeg deze ontwikkeling een extra impuls met de overname van het eveneens koninklijke bedrijf Petit & Fritsen uit Aarle-Rixtel.

Op vrijdag 10 juni werd het 150-jarig bestaansfeest gevierd in een tent op de binnenplaats van de klokkengieterij.

Na de diverse toespraken werd er in de klokkengieterij een klok van tachtig centimeter hoogte gegoten. Deze klok krijgt een plek in de bar van het nieuwe gemeenschapshuis aan de Kerkstraat.

SIRIS-tv maakte een impressie van de feestdag en die is hieronder te zien.